Dienstmeisje, een uitgestorven woord. Bestaat ze nog? Waarschijnlijk niet. Want welke vader en moeder stuurt haar kind nog op pad om zich te laten afbeulen in een huishouden van adel of gegoede burgerij? Alhoewel gegoede burgerij in deze tijd ook wat komisch klinkt. De gegoede burgerij had het voordeel dat ze nog weleens wat toegeworpen kreeg, zoals een erfenis van vader of moeder. Of van een suikeroom of tante. Hun kapitaal groeide vanzelf. Genoeg centjes om een dienstbode in huis te nemen. En de notarissen die de nalatenschappen afwikkelden, hadden vaak ook wel zo'n meisje in huis. Evenals de andere notabelen, zoals bijvoorbeeld een dokter, een officier of advocaat.
Toen ik nog een jong kind was, hadden wij zelfs meerdere dienstmeisjes in huis. Deze zin impliceert dat ik wel uit een heel rijk gezin moet komen. Mijn ouders hadden het niet arm, maar het woord rijk is rijkelijk overdreven. Aan vakanties deden mijn ouders niet. Maar een zomerlogeerpartij bij een lieve tante was wel een van de mogelijkheden. En daarom was het ook niet zo vreemd dat ook wij wat neefjes en nichtjes, in een tent, op het erf lieten slapen. Gratis eten en drinken bij tante An. En soms konden ze een centje bijverdienen bij mijn vader, als ze een paar daagjes in de bollen hielpen.
De dienstmeisjes in ons huis boenden de gang, de wc, maakten de slaapkamers schoon. Leegden de po's en poetsten schoenen glimmend, die voor de slaapkamerdeuren stonden. Ook joegen ze het stof met een mattenklopper uit de traplopers. Deze dames zorgden voor een opgepoetst huis. Wat een tijd. En ik herinner het me nog als de dag van gisteren. Soms liep je met een van de meisjes mee naar boven en maakte je een praatje. Liepen we naar het balkon en bewonderden we de bloemrijke weilanden en het onder ons gelegen dorp De Koog. Een idyllisch plaatje. Buiten fluisterde de stilte. Slechts de zee ruisde. De rest viel niet op.
Een van de dienstbodes van toen kwam ik een aantal jaren later, bij toeval, nog eens tegen. Ik dacht dat ze vele jaren ouder was, maar het bleek dat ze slechts een paar jaar verschilde van mij. En nu droeg ze ook gewone kleren. Niet meer in het zwart gekleed met een wit schortje voor en degelijke schoenen. We haalden herinneringen op hoe geweldig die tijd niet was. Zowel voor haar als mij. Want ze was dan wel een dienstbode geweest, maar niet een van omstreeks de eeuwwisseling. In die tijd werden ze veel meer uitgebuit en maakten ze lange dagen. Zo was het echter niet bij ons thuis. Bij ons was het juist een gezellige boel. En ze sliepen niet in huis, maar tegenover ons, in een pension. Niet alleen dienden ze bij ons, maar ook nog eens daar. De dames sleepten met bladen vol terrines soep en ander eten en plaatsten het voor de neus van de aanwezige gasten. De restjes brachten ze nog wel eens aan de overkant: mijn ouderlijk huis. "Willen jullie nog soep?" riep een van de dienstbodes dan. En voordat ze het antwoord afwachtte, had ze de weg al overgestoken en de soep of een overgebleven toetje, in de keuken gezet.
Ach, ze was net zo thuis bij ons als in het pension waar ze werkte. En dat gold voor alle dienstbodes. Mijn ouders hadden dus dependance. Ook zo'n ouderwets woord. En ze hadden televisie. En daarom was het altijd gezellig. Want hadden ze bij ons schoongemaakt en de gasten bediend, dan kwamen ze bij ons om de koffie. Iedere avond, met z'n allen aan tafel tv kijken. Er werd wat afgekletst. Altijd dolle pret. Niets geen standsverschil. Ben je gek? Iedereen werkte toch voor z'n centen, en iedereen op z'n eigen manier.
Een goede maand terug is ze overleden. Met haar en de andere dienstbodes van weleer is er een tijdperk afgesloten. De Koog is van een lief dorp verandert in een voor mij vreemd gedrocht. Het ouderlijk huis is afgebroken, de weilanden zijn bevolkt en de stilte is lawaaierig geworden. Waar blijft de tijd toch.
Reacties
Wij hadden ook een dienstmeisje ze kwam van Brabant Zij hielp mijn oma met het gezin.Mijn ouders werkten van 7 uur s,morgens tot 10 uur s,avonds.Ze ging ook met ons op vakantie in Leersum .Mijn ouders huurde een Bungalow en alleen de zondag kwamen zij.Wij hebben een leuke tijd gehad 3 jaar lang toen moest ze naar huis. Ze had een eigen kamer die ik later kreeg.Mijn ouders hebben na haar niemand meer genomen Ik weet niet waarom.Mijn oma heeft tot haar dood bij ons gewoond (Ze was eigenlijk een 2de moeder he) Ze ging ook met ons mee op vakantie naar Italie in de 60er jaren ze was toen al in de 70 maar ze deed met alles mee
Dit zijn hele leuke herinneringen die je nooit vergeet Yvon
Wat een dierbare herinneringen, Yvon. Herinneringen die je nooit zullen verlaten en die je koestert. Leuk om je verhaal te horen. Dank je.
Tine Dorothy
Krimpen aan den IJssel, het dorp waar ik geboren ben, had bij mijn geboorte nog geen 6.000 inwoners, nu zijn dat er zo'n 30.000, met veel import, en mooie villa's vooir de import uit Rotterdam, forenzenplaats. De boerderijen zijn vrijwel geheel verdwenen, aan de rand is er nog slechts een, waar mijn vader tot kort voor zijn overlijden door de boer zelfgemaakte boerenkaas haalde.
Voorbij, voorbij die tijd, 's zondags echter, nu nog steeds?, zwarte kousen kerkgangers, pontificaal midden op de rijweg, helemaal naar de kerk in Capelle aan den IJssel lopend, daar kerkten ze. Het is nog steeds een beetje een SGP gemeente, dat Krimpen aan den IJssel. Mijn ouders waren vrijzinnig hervormd, met mijn moeder afkomstig uit de Oud (zwaar) Hervormde Gemeente van Ouderkerk aan den IJssel.
(Op de Openbare Mulo waarop ik na Openbaar Lagere School 1 zat, zaten ook zwaar gereformeerden, want die mchten, vanwege geloofsgeschillen niet naar de Christelijke Mulo, en voor hun geloof was er geen Mulo).
Een mooi sfeerbeeld heb je neergezet, Thomas. En het laat zien dat ook voor jou tijden zijn veranderd. Dank je wel! Een groet van Tine Dorothy
Wat een mooie tijd beschrijf je tine..en waar blijft de tijd? Daar kan ik me helemaal in vinden.Zeker als je net als bij je ouders thuis, veel..aanloop..en mensen over de vloer kreeg.De bijkomende gezelligheid, en doe maar net of je thuis bent...helpt daar zeer zeker in mee, ze blijven dan terugkomen he?
.Zelf kom ik ook uit zo,n nest...wel zonder dienstbodes..haha, dat was er maar een, mijn moeder! Maar de rest,,iedereen kon/kan mee eten, plus iedereen die ook altijd lang bleef..hangen.[ plakken noemen wij dat ] .na tig jaren nog.altijd, hetzelfde.. zegt genoeg.Mooi die herinneringen tine, en ook bij mij kwam hierdoor ff de heimwee naar vroeger [ alweer ] om de hoek kijken.Dat gaat ook nooit over denk ik!!
Ja Shyne, vroeger noemden we deze meisjes dienstmeisjes. En deze meisjes waar ik over vertel kwamen in een pension te werken en bij ons vanwege dependance. Maar allemaal gingen ze goed met elkaar om. Er was geen standsverschil. En de meiden bleven er jaren werken. Maar dit was een wereld van verschil met de meisjes die in een gezin kwamen te werken en vooral in onze oma's tijd. Toen was het best wel moeilijk, denk ik. Meisjes uit arme gezinnen die uit werken moesten om het ouderlijk gezin te ondersteunen. Daar was veel leed. De dienstmeisjes waar ik het over heb en waar we zo goed mee omgingen, die hebben ook in die tijd veel lol gehad. Gelukkig maar.
Groetjes, Tine Dorothy
En Wendy, de dienstbodes sliepen niet bij ons thuis hoor, dat deden ze in het tegenoverons liggende pension. Dependance werd vroeger veel gedaan. Een hotel of pension had dan onvoldoende kamers en zochten daarom kamers in de buurt. Toen mijn vader mijn moeder trouwde bouwden ze een groot huis in 1936 (althans bekeken uit de tijd van toen). De Koog was toen een heel klein dorpje waar het toerisme in opkomst kwam. Ze noemde het huis 'Zomerlust'. Twee wc's, zes slaapkamers, keuken, bijkeuken en woonkamer natuurlijk. En in de woonkamer zaten schuifdeuren. Mijn vader had zijn bollen en mijn moeder begon gasten te houden. De gewone burger kon toen nog niet op vakantie en daarom was het meer gewoon om een dokter of advocaat over de vloer te krijgen, dan een arbeider. Op iedere kamer was koud stromend water. 2 Gulden vijftig per dag stond in een vvv-gids. Nu om te lachen. Daarna kwam er ook warm water bij. Toen er meer kinderen kwamen stopten ze met het pension en ging men over tot dependance. Maar waar denk je waar zomers de kinderen moesten slapen? In een stenen boet achter huis. Die was best groot. Op de vliering stonden bedden en ik, als enige meisje, sliep achter een gordijn.
De gasten hadden dus onze bedden overgenomen. En de dienstbodes kwamen van het pension om alles bij te houden. Mijn moeder had zomers heel wat minder werk. En mijn ouders werden door het pension betaald. Een bepaald bedrag voor het hele seizoen. Een schitterende tijd, want soms mocht je met de gasten mee naar het strand of ze hadden een cadeautje voor je. Of was er een meneer die veel sigaren rookte en mocht je van hem de sigarenbandjes houden. Die spaarde ik o.a.en plakte ik in een schrift.
Al die kamermeisjes over de vloer, iedere ochtend (een deel ervan) en avond. Ja dat was echt supergezellig! En de rest van de tijd werkten ze in het pension.
Groetjes, Tine Dorothy
goh, ik wou dat mijn jeugd herinneringen zo leuk waren als deze!
mooi geschreven hoor!
Dank voor het compliment, Tineke. Als we in jeugdherinneringen duiken, is een teken dat we ouder worden. Gelukkig maar!
Een lieve groet van Tine Dorothy
mooi ik hou wel van die vergane glorie
Een bijzondere tijd. En zoveel gasten kwamen er toen nog niet op het eiland. Je had zes tot acht weken hoogseizoen. Meer niet.
Leuk dat je schreef, Tine Dorothy
Wat een bijzondere en gezellige tijd moet dat geweest zijn. Mooi verwoord! Soms zou ik wel weer heel even terug willen naar mijn jongere jaren om die huiselijke gezelligheid weer te ervaren.
Dank je, Ieteke. En Ieteke, vroeger had je ook gastdagen. Kwam de familie van de overkant de hele dag. Inderdaad een superleuke tijd.
Groetjes, Tine Dorothy
Wat een mooie mijmeringen Tine, toch vind ik Texel nog steeds fijn om te bezoeken maar ik kijk natuurlijk anders dan jij, ik heb de herinneringen niet.
Texel is nog steeds mooi, Alleke. De mensen die in De koog zijn blijven wonen, zijn meegegroeid met hun dorp. Die voelen het al anders aan dan ik. En hoeveel mensen zeggen niet, als ze hun geboortedorp zien: Wat is er veel veranderd. We houden vast van hoe het eens was. Ik heb ook wel gasten gesproken en dan zei ik weleens: wat is het toch verloederd. Nou dat vonden zij helemaal niet, omdat ze niet wisten hoe het was. En dat is natuurlijk ook zo. Maar goed ook!
Een avondgroet, Tine Dorothy